Onrust over continuïteit ondersteuning vrijwilligers

shapeimage_1-1

Het besluit van GS om de structurele subsidierelaties op het terrein van zorg & welzijn per 31 december 2016 te beëindigen brengt onrust met zich mee. Zowel ondersteuningsinstellingen (bijv. Zorgbelang) als achterbanorganisaties (bijv. SBOG) zijn bang dat de continuïteit van hun werk in gevaar komt. In de loop der jaren hebben zij een provinciebreed netwerk van regionaal functionerende vrijwilligers opgebouwd die een grote bijdrage leveren aan de participatie van burgers, met name de meest kwetsbaren. GS geeft in haar statenbrief van 22 september 2015 aan dat het mogelijk uiteenvallen van dat provinciale netwerk en het verlies van expertise nadelige gevolgen kan hebben voor de inzet en het functioneren van deskundige vrijwilligers en de ondersteuning op lokaal niveau.
De instellingen en organisaties begrijpen dat de provincie haar beleid vanwege de decentralisaties aanpast. Veel activiteiten en werkzaamheden zullen samen met gemeenten opgepakt moeten worden. Gemeenten hebben echter de afgelopen periode al veel extra taken op hun bord gekregen. De transitie is in gang gezet, maar de transformatie in in veel gevallen nog zeker niet afgerond. Ook de snelheid waarmee de structurele subsidies afgebouwd zouden gaan worden geeft zorgen. Daarom heb ik namens de PvdA Gelderland de volgende schriftelijke vragen gesteld:

  1. Is GS bereid om een overzicht te maken waarop per instelling en per organisatie aangegeven wordt welke nadelige gevolgen de beëindiging van de structurele subsidierelatie met zich mee zou kunnen brengen? En dit overzicht voor 31 december 2015 aan PS ter beschikking te stellen? Welke specifieke netwerken en welke expertise zou verloren kunnen gaan? Welke structurele activiteiten zouden weg kunnen vallen en wat zijn daarvan de consequenties? Hoeveel mensen zijn hierbij betrokken (personeel, vrijwilligers, mensen die geholpen worden) en welke overlap is er tussen instellingen en/of organisaties onderling?
  2. Heeft GS zicht op wat de gevolgen zijn als instellingen en   organisaties geen structurele subsidie meer krijgen van 1 provincie maar alleen nog aanspraak kunnen maken op projectsubsidies en daarnaast bij 54 gemeenten langs moeten gaan? De kans is bijvoorbeeld groot dat er dan meer geld en tijd gaat naar administratie en ‘projectmanagers’ en minder naar zorg en daadwerkelijke ondersteuning. Wat kan er volgens GS aan gedaan worden om dit te voorkomen?
  3. De decentralisaties hebben voor veel veranderingen gezorgd in het sociale domein. Juist nu is een goede en onafhankelijke ondersteuning van cliënten, mantelzorgers en vrijwilligers essentieel. De gemeenten zijn geïnformeerd over de komende veranderingen binnen het provinciale beleid rond de instellingen en organisaties uit het Sociaal Profiel. Is al bekend of de gemeenten op deze korte termijn de extra taken en kosten over kunnen en willen nemen?
  4. Is GS bereid om te wachten met de afbouw van de structurele subsidies totdat ook echt duidelijk is op welke wijze de opbouw aan de kant van gemeenten vorm gaat krijgen? Met name als het gaat om instellingen en organisaties die heel direct betrokken zijn bij de ondersteuning van vrijwilligers en de meest kwetsbaren in Gelderland dient zorgvuldigheid boven alles te gaan.

Over Anna-Lena

Statenlid PvdA provincie Gelderland
Dit bericht is geplaatst in Zorg & welzijn. Bookmark de permalink.